Begin jaren 70 zat de Duitse club Eintracht Braunschweig diep in de financiële problemen. De clubkas was leeg, de resultaten vielen tegen en er moest dringend geld binnenkomen.
De slimme voorzitter van de club, en de ambitieuze zakenman Günter Mast (de topman van het bekende sterkedrankmerk Jägermeister) bedachten een slim plan: Jägermeister zou de club sponsoren, en in ruil daarvoor zou het logo van het merk — de bekende hertenkop — groot op de borst van de spelers komen te staan. Er was alleen één groot probleem, de Duitse Voetbalbond (DFB) verbood shirtsponsoring strikt. Voetbal moest puur zijn, en commercie op het shirt werd gezien als een schande. Maar Jägermeister en de club lieten zich niet zomaar aan de kant zetten. Ze zochten naar een maas in de wet en vonden die. De DFB-regels verboden weliswaar reclame voor bedrijven, maar een club had wél het recht om het eigen clublogo op het shirt te dragen. Braunschweig nam daarop een historisch besluit. Tijdens een buitengewone ledenvergadering stemden de leden vóór een officiële aanpassing van het clublogo. De traditionele rode leeuw van Braunschweig werd resoluut vervangen door… exact de hertenkop van Jägermeister. De DFB was woedend en probeerde de truc maandenlang via rechtszaken te blokkeren. Scheidsrechters kregen zelfs de opdracht om wedstrijden te weigeren als Braunschweig met het hertenlogo het veld op stapte. Maar juridisch stonden de bonden machteloos. Het was nu immers officieel het clublogo. Op 24 maart 1973 was het zover. In de Bundesliga-wedstrijd tegen Schalke 04 schreef Eintracht Braunschweig geschiedenis. Voor het allereerst betrad een Duits team het veld met een „commercieel“ logo op de borst. Het shirt zelf was felgeel met blauwe accenten, en in het midden prijkte trots het hert. De mediastorm die losbarstte was ongekend. Tegenwoordig zou Twitter exploderen. Traditionele voetbalfans spraken van de „ondergang van het voetbal waar achteraf gezien een kern van waarheid in bleek te zitten ….maar commercieel gezien was het een meesterzet. Jägermeister werd in één klap wereldberoemd en Braunschweig was gered van het faillissement. De DFB zag in dat ze de reclame revolutie niet konden tegenhouden. Slechts een paar maanden later, in oktober 1973, gaf de bond officieel toe en werd shirtsponsoring gelegaliseerd. Binnen de kortste keren liepen grootmachten als Bayern München (Adidas ) en Hamburger SV (BP) ook met sponsors op de borst. Het gele Braunschweig-shirt met de hertenkop is vandaag de dag een cult-object. Het staat symbool voor rebellie, creativiteit en het kantelpunt waarop het moderne, commerciële voetbal werd geboren. Verzamelaars betalen tegenwoordig honderden euro’s voor een origineel exemplaar uit die Tijd! Geschreven door Jesse Rabbeljee.
